Cuba

Havana

 

Google fotoalbum

Rondreis, Historie, Noord en Zuid Amerika


Van 10 tot 22 maart 2006 waren we in Cuba. Het was wat teleurstellend. Ons was een lijdende bevolking in een compleet failliet land beloofd. In werkelijkheid was het een normaal Caribisch eiland; de hele dag mooi weer; een vrolijk levenslustige bevolking; lekker eten; alles te koop; prachtige winkels en schitterende stranden. Kortom een werkelijk ideaal vakantieland. Het grootste contigent toeristen komt uit Canada. Voor hen is het maar drie uur vliegen vanuit de kou naar het paradijs. Er zijn ook Amerikanen, maar mondjesmaat. De Amerikanen hebben namelijk kort na de revolutie in 1959 een boycot ingesteld. Ze wilden dat Fidel Castro zijn beleid aanpaste. Het is bekend, dat zulke boycots niet of nauwelijks werken. Het kost beide partijen veel geld. De weerstand van de economie van het geboycotte land wordt versterkt. Tandenknarsend moeten de Amerikanen inmiddels toezien hoe buren de handelskansen pakken, die ze zelf laten liggen. Tijdens de koude oorlog hadden de Russen in het eiland een 'vliegkampschip' voor de Amerikaanse kust. 

Havana is een reusachtige stad. Haar stedenbouwkundig hoogtepunt lag in de eerste helft van de 20ste eeuw. Toen zijn enorme regeringsgebouwen neergezet, terwijl langs de kust de Amerikaanse maffia in allerlei casino's investeerden. Dat staat er allemaal nog, hoewel sommige van deze juweeltjes zwaar verwaarloosd zijn. Dat geldt ook voor de normale bebouwing. Dat schijnt geen onwil of onmacht te zijn, maar beleid. Men probeert zoals overal op de wereld de trek naar de stad wat te ontmoedigen. Een kwart van de Cubaanse bevolking woont nu al in Havana. Men probeert zoveel mogelijk mensen op het platteland en in andere streken van Cuba vast te houden.

Het eerste probleem waar we in Cuba tegenaan liepen was 'geld'. We hadden slechts 700 euro in contanten bij ons. De rest van het benodigde geld in Cuba wilden we pinnen. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Er zijn inderdaad wat pinautomaten. Maar ze moesten niets hebben van onze kaartjes. We vreesden al een vakantie op water en brood. In Havana kost een naar onze begrippen behoorlijke maaltijd toch al gauw vijftig euro. Voorts moeten we nog extra excursies en de fooien betalen. Op een gegeven moment ontdekten we tot onze opluchting dat we binnen bij de balie van de bank wel met een kredietkaart konden betalen. Ik nam een flink bedrag op tegen 12 procent provisie. Achteraf gezien bleek dat wat te veel. We hebben later diverse andere deelnemers van de reis nog van geld kunnen voorzien. Cuba is een goedkoop land. Er zijn relatief weinig bijkomende kosten. Met 1000 euro haal je het gemakkelijk.

In Cuba slagen ze er op een heel aardige manier in om het probleem van de zwarte dollars op te lossen. Ze hebben een nieuwe munteenheid ingevoerd met de waarde van 1 dollar. Iedereen mag deze munteenheid in bezit hebben. Iedereen mag ten alle tijde deze munt omwisselen in buitenlandse valuta. De zwarte dollars zijn daardoor vrijwel verdwenen uit het betalingsverkeer. Er circuleren nu twee munteenheden. Met de ene munteenheid kan je alles kopen. Met de andere kunnen alleen Cubanen de noodzakelijke goederen aanschaffen. Deze munteenheid is gekoppeld aan het bonnensysteem, dat nog steeds functioneert om iedereen een bestaansminimum te garanderen. Wij hebben de 'gewone' peso nooit zelfs maar in echt gezien. Wel de bonnenboekjes. De gewone Cubaan krijgt per maand een salaris van omgerekend twintig 'peso convertible'. Alleen als hij voldoende geld weet te verdienen aan de toeristen kan hij zich luxe veroorloven.

Langs de kust ligt de beroemde boulevard 'Malecon'. Deze is indertijd door Spanjaarden aangelegd en nu een verzamelpunt van de Cubaanse jeugd. Het is een robuuste zeewering en een brede boulevard met potentieel gezien schitterende bebouwing. Op het ogenblik staat het er wat zieligjes bij. Tijdens het stormseizoen slaan enorme golven over de boulevard tot groot plezier van de plaatselijke jeugd. De foto, die we natuurlijk niet zelf hebben kunnen nemen, is afkomstig uit het schitterende fotoboek van de Italiaan Mimmo Fabrizi te koop bij iedere boekhandel op Cuba.

Een opmerkelijk evenement is de fietstocht op zondagochtend met de hele groep door Havana onder leiding van een sportleraar met megafoon op met vlaggetjes versierde fietsen, begeleid door een bezemwagen en allerlei luid toeterende begeleiders. Kennelijk doen ze dit normaliter met kinderen. Horen en zien verging. Toeristen op mountainbikes, die wiebelend, onder begeleiding van onzinnig veel personeel in de ochtend door het doodstille Havana fietsten. Het was werkelijk te belachelijk om waar te zijn en daarom zo leuk. We fietsten over de Malecon richting de ambassadewijk. Langs de voormalige casino's, de Amerikaanse en de Russische ambassade, het ziekenhuis, een openbare markt, een kerk en de werkelijk schitterende begraafplaats. Iedereen van de plaatselijke bevolking, die nog niet wakker was, was dat wel na onze passage.

Cuba staat bekend om zijn bijzondere wagenpark. Op het eiland heb je meer oldtimers, dan op de rest van de wereld bij elkaar. Ze rijden allemaal nog. De motor is vaak al meerdere malen vervangen. Ze worden gebruikt als taxi, statussymbool en om gasten van de regering rond te rijden. Op het ogenblik heb je drie categorieën voertuigen op het eiland. De oldtimers, lada's uit het Oostblok en moderne auto's recentelijk ingevoerd door buitenlandse bedrijven. Er is gebrek aan benzine. De voormalige Oostbloklanden hebben immers hun ondersteuning van de Cubaanse economie met olieproducten van de zeventiger jaren noodgedwongen moeten stoppen.

Tegenwoordig komt de olie uit Venezuela. Het is naar Cubaanse begrippen praktisch onbetaalbaar, een euro per liter. Alleen grootverdieners kunnen zich nog een privé-auto veroorloven. Allerlei aanpassingen zijn gerealiseerd om het nijpende benzinegebrek te ondervangen. Men is buiten de stad verplicht om lifters mee te nemen. Vrachtauto's zijn omgebouwd tot bussen. We hebben geprobeerd deze merkwaardige voertuigen goed op de foto te krijgen. Dat is niet altijd even goed gelukt. Beter ging het met de oldtimers. Ze worden overal langs de straat tentoongesteld. De oldtimers zijn over het algemeen privé-bezit. Het is de enige mogelijkheid voor gewone mensen om aan een betaalbare auto te komen. Ze worden dagelijks vertroeteld door de eigenaars.

 Rondreis