(374944) Wiersma,H. - Gantwarg,A.
01: EU-ch*, 22-09-1999


1.34-29 20-25 2.40-34 14-20 3.45-40 19-24 In het kader van de uitleg over tempoverhoudingen twee voorbeelden, waarin de omsingelaar vanuit een verbroken hekstelling met behulp van tempi de aanval inzet. 4.32-28 10-14 5.37-32 17-21 6.31-26 5-10 7.26x17 11x22 8.28x17 12x21 9.32-28 7-12 10.36-31 Zwart heeft een hekstelling ingenomen. Evenwel het is een beetje een bedenkelijke, omdat hij teveel materiaal op de lijn 4/18 heeft staan.
[ Kenmerkend voor dit soort posities is, dat wit geen 10.38-32 mag spelen, vanwege 24-30 11.35x24 18-23 12.29x7 20x27 Evenwel dit zetje blijvend in de stand te houden is geen eenvoudige opgave. Zwart zal dus iets moeten doen om de stukken van de lange vleugel nuttiger te gebruiken. ]
[ De partijvoortzetting is de scherpste. Rustiger is 10.41-37 en langdurig touwtrekken kan het gevolg zijn. Vaak denken spelers met beide kleruen ten onrechte dat de hekstelling een probleem is voor wit en dat deze er zo snel mogelijk uitmoet. In werkelijkheid gaat het zwart erom de tegenstander op een ongelukkig ogenblik tot een verbreking te verleiden en daarna met behulp van tempi de aanval in te zetten. ]
10...1-7
[ Een van de redenen, waarom de zwarte stand weinig benijdenswaardig is, is dat op 10...21-26 wit naast diverse ruilen ook beschikt over het agressieve 11.31-27 1-7
A) 12.28-23 met het partijverloop
B) Een opmerkelijke mogelijkheid is 12.38-32 24-30 (12...14-19 13.43-38 10-14 14.49-43) 13.35x24 26-31 14.27x36 18-23 15.29x18 20x27 16.28-22 12x23 17.22x31
C) Erg goed lijkt 12.42-37 18-22 ( De afwikkeling 12...24-30 13.35x24 18-23 14.28x19 14x23 15.29x18 13x42 16.48x37 20x29 17.33x24 is weinig aantrekkelijk) 13.27x18 12x32 14.37x28 en wit krijgt schijf 38 eruit. Want 13-18 15.35-30 24x35 16.29-24 20x29 17.34x1 is het niet ]
11.41-37
[ Een mogelijkheid is 11.31-26 7-11 12.26x17 11x22 13.28x17 12x21 14.42-37 en het zwarte materiaal op de lange vleugel en het centrum staat nog steeds verkeerd. Wel staat hij vier tempi naar voren. ]
[ Aantrekkelijk is ook 11.42-37 21-26 12.31-27 ]
11...21-26 12.28-23 Deze zet is nooit goed, tenzij het direct wint. Hier heeft het het bezwaar, dat zwart na 13-19 een grote ontwikkelingvoorspong heeft.
[ Beter is 12.37-32 26x37 en het is een kwestie van smaak of je naar voren of naar achteren slaat. Als je naar voren slaat, dan kun je het ontwikkelprobleem van de zwarte lange vleugel beter aan de kaak stellen. Evenwel wit kan in tempodwang terecht komen.

Het vastleggen van de witte korte vleugel door een hekstelling verandert het 'tempo' gedrag van de stelling. Niet altijd is de speler met ontwikkelingsvoorsprong in het voordeel. Tijdens de partij hebben de spelers bij het bepalen van de kansrijkste voortzetting op het ogenblik geen andere keus dan het simpelweg achter het bord uit te tellen. ]
12...13-19 13.31-27 19x28 14.33x13 9x18 15.46-41 24x33 16.39x28 Een onduidelijke situatie is ontstaan. Wit heeft schijnbaar alles wat zijn hartje begeert. Evenwel het is desondanks niet duidelijk wie er beter staat. Dat heeft te maken met de tempoverhoudingen. 8-13 17.44-39 14-19 18.39-33 10-14 19.37-32 4-9 20.43-39 2-8 21.49-43 18-22 22.27x18 13x22 23.28x17 12x21 24.32-27 21x32 25.38x27 8-13 26.43-38 3-8 27.38-32 8-12 28.41-37 19-24 Het keerpunt van de partij. Zwart probeert iets te doen tegen schijf 27. Zodra dat stuk weg is, gaan de tempi werken. Direct 12-18 of 12-17 zijn verhinderd door zetjes. De gespeelde zet 28...19-24 is bedoeld als voorbereiding tot 7-11, 12-18-22xx22 met overwegende positie. Alleen zit er een klein gaatje in de berekening.
[ Achteraf bleek eerst 28...7-11 een betere manier om dit plan door te zetten. De bedoeling is 12-18 en soms hoort 20-24 erbij. In de variant
A) 29.32-28 12-18 30.27-22 18x27 31.28-23 19x28 32.33x31 11-17 Heeft zwart het witte centrum opgebroken
B) 29.33-28 12-18 ( Of 29...19-24) 30.39-33 20-24 ( Of 30...19-24 en wit heeft behoorlijk ongemak) ]
29.32-28 7-11 30.34-29 12-17 Een noodgreep
[ Na het geplande 30...12-18 kan 31.28-23 18-22 32.27x18 13x22 33.40-34 met een gevaarlijk aanval tegen de zwarte hekstelling ]
31.27-22 13-19 32.29-23 9-13 33.23-18 17-21 34.18x9 14x3 35.40-34 3-8 36.42-38 8-13 37.37-31 26x37 38.35-30 24x35 39.47-41 37x46 40.33-29 46x23 41.29x9 11-17 42.22x11 6x17 43.9-4 19-24 44.4-9 21-27 45.9x36 17-22 46.36x30 35x24 47.38-32 24-30 48.48-42 16-21 49.32-28 20-24 50.28-22 15-20 51.50-44 30-35 52.22-18
2-0 (1.59/2.01)