(445655) Gantwarg,A. (Anatoli) - Kooistra,T. (Teake)
v.Stigt Thans - Fryslan, 10-11-2012


1.33-29 18-22 Dit is kennelijk de grote mode in Friesland. Meerdere spelers speelden deze opening. Een beetje een twee snijdend zwaard. Het verhindert de witte opbouw met 39-33 etc. Maar aangezien de Keller volgens de jongste opvattingen in het voordeel is van de zwartspeler, is er nauwelijks een reden om de opbouw met 39-33 te willen verhinderen met zwart. 2.31-26 Dit is het vaakste gespeeld. Meer dan 2000 keer. De tweede zet is 38-33 en de zet van Ron Heusdens (32-27) is derde. 22-27 Aangezien zwart nu geen 12-18 kan spelen, moet hij ook iets dappers doen. Dit wordt vaak gespeeld, maar het alternatief is 20-25 is populairder. 3.32x21 16x27 4.37-32 Dit is een relatief nieuwe behandeling van deze opening. De bedoeling is om randschijvenspel uit te lokken. Evenwel zwart gaat daar in deze partij niet op in.
[ Voorheen werd regelmatig 4.39-33 gespeeld met 17-22 5.44-39 19-24 en de meerslag 27-31 verhindert de normale voorzetting 34-30. Meestal volgt dan 6.50-44 14-19 7.38-32 ( of 7.37-31 22-28) 7...27x38 8.43x32 hetgeen niet echt prettig is voor wit. ]
4...11-16 5.32x21 16x27 6.41-37 6-11 Dit wordt regelmatig gespeeld.
[ Twee derde van de partijen gaat tegenwoordig echter verder met 6...27-31 7.36x27 19-23 8.29x18 13x31 en er ontstaat interessant randschijvenspel. In vergelijking met de 34-30-20-25 opening is er weinig ervaring opgedaan met dat schema. Gantwarg geeft de voorkeur aan het witte spel. Maar anderen prefereren de randschijf. De opvattingen over deze standen wisselt per week. ]
7.46-41 1-6 8.37-31!? Dit is de vaakst gespeelde zet. Je kunt je afvragen naar aanleiding van deze partij of het iets is.
[ Voor 2000 werd regelmatig 8.37-32 gespeeld. Meestal ging het verder met 11-16 9.32x21 16x27 10.41-37 en wederom heeft zwart diverse mogelijkheden (27-31, 7-11 of 6-11). ]
[ Gespeeld is 8.39-33 13-18!? ( Na 8...17-22 9.44-39 19-24 ontstaat weer het eerder genoemde probleem. D.w.z. de natuurlijke zet 34-30 is verhinderd door een twee om drie.) 9.44-39 en zwart moet een lastige beslissing nemen. Nu kan op 19-24 wel de achterloop 34-30. ]
8...20-24 Dit begint aan populariteit te winnen. Het blijkt in de partij bevredigend spel te geven aan zwart.
[ Ook 8...17-22 is regelmatig gespeeld. Wit kan dan een stormloop doen op de vijandelijke voorpost: 9.41-37 13-18 10.37-32 11-16 11.32x21 16x27 12.42-37 7-11 13.47-42 19-23 14.37-32 11-16 15.32x21 16x27
A) Een voor de hand liggende mogelijkheid is nu 16.35-30 14-19 (16...20-25) 17.40-35 en wit heeft een dynamische positie.
B) In aanmerking komt de voortzetting van de stormloop via 16.42-37 14-19 17.48-42 6-11 18.37-32 11-16 ( De finesse 18...22-28 19.31x24 28x48 20.29x16 20x29 21.34x23 48-37 is onzin.) 19.32x21 16x27 20.42-37 10-14 en wit komt moeilijk verder. Na 21.37-32 19-24 22.32x21 24x42 23.43-38 moet wit de meerslag naar 10 nemen. ]
9.31x22 17x28 10.29x20 15x24 11.34-30 Deze stand ziet er niet goed uit voor wit. De materiaalverdeling is behelpen. Vroeg of laat lijkt de ruil 39-33x33 aangewezen.
[ In een eerdere analyse naar aanleiding van een partij van Sven Winkel kwam de computer met 11.34-29 24x33 12.38x29 Maar ook dan is de witte stand weinig aantrekkelijk. Op beide vleugels heeft hij immers geen 'direction'. Want er staat geen stuk op 15 of 16. De druk tegen schijf 28 is lastig te organiseren. ]
11...13-18 12.41-37 9-13 13.36-31 Anatoli heeft deze stand vijf en twintig jaar eerder ook op het bord gehad. Hij ging toen verder met 40-34, waardoor zwart de tijd kreeg om het initiatief op de korte vleugel naar zich toe te trekken. De witte lange vleugel is ook nu te dun om werkelijk veel te mogen verwachten van deze actie. 11-17 14.31-27 4-9 15.47-41 Dit ziet er niet goed uit. Kennelijk wil wit spanningen koste wat het kost.
[ De enige zet, die iets zou kunnen doen, is 15.38-33 7-11 16.33x22 17x28 en wit kan niet goed verder met 17.43-38 vanwege 28-33 18.38x20 14x43 19.49x38 met een leeg bord. ]
[ Wellicht is dit al het moment voor de ruil 15.39-33 28x39 16.44x33 in de hoop iets te hebben aan de potentiele ontwikkelproblemen van de zwarte lange vleugel. De geforceerd aandoende manoeuvre 14-20 17.37-32 20-25 18.50-44 25x34 19.40x20 10-15 geeft wit na 20.20-14 19x10 een ongeveer gelijke stelling. ]
15...6-11
[ Logischer is direct 15...18-22 16.27x18 12x23 ]
16.41-36 18-22 17.27x18 12x23 18.37-31
[ Dit lijkt mij een serieus moment voor de onvermijdelijke ruil 18.39-33 28x39 19.44x33 zwart heeft nu nauwelijks mogelijkheden om zijn lange vleugel netjes te maken via 14-20 etc. De partijvoortzetting zet extra materiaal naar de vleugel, waar wit door gebrek aan direction weinig te zoeken heeft. ]
18...13-18 19.40-34 7-12 20.30-25 8-13 21.34-30 2-7 22.45-40!? Dit is een zet met een slechte reputatie. De schijf op 45 maakt en flexibele omsingeling van de zwarte voorpost op 28 tot een illusie.
[ Na 22.39-33 28x39 23.44x33 gevolgd door 50-44-39 moet zwart een belangrijke beslissing nemen. ]
22...10-15 23.31-27 24-29 Zwart wikkelt af naar remise.
[ De computer geeft de voorkeur aan 23...17-22 echter na 24.38-33 22x31 25.36x27 12-17 26.33x22 17x28 27.43-38 11-17 28.27-21 begint het rekentuig warm te lopen voor de witte stelling. ]
24.40-34 De consequentie van de zet eerder gespeelde zet 45-40.
[ Het alternatief is 24.39-33 28x39 25.44x24 14-20 26.25x14 9x29 27.38-32 5-10 en de zwarte voorpost is onaantastbaar. Afruil gevolgd door omsingeling zit er niet in omdat zwart op tijd een sterk centrum achter schijf 23 geformeerd heeft. ]
24...29x40 25.30-24 19x30 26.25x45 14-19 27.27-21
[ Na 27.39-33 28x39 28.44x33 dreigt wit via 38-33 en 33-28 het centrum te sluiten. Op diverse manieren kan zwart dat voorkomen. Enerzijds is er 23-28x28. Anderzijds heeft hij na 5-10 29.38-32 10-14 30.33-28!? de zet 23-29 met druk tegen schijf 28. ]
27...18-22 28.21-16 12-18 Deze zet stuurt aan op afruil van de passieve witte schijf op 16.
[ De opbouw via 28...13-18 anticipeert meer op de ruil 39-33x33. ]
29.39-33 28x39 30.44x33 5-10 31.50-44 10-14 32.44-39 7-12? Een magere zet, die totaal geen haast heeft. Wit kan nu het centrum sluiten en doet weer mee.
[ Via 32...3-8 gevolgd door 8-12 kan zwart zijn centrum sterk maken. Wit speelt dan (vanwege 16) met een schijf minder. ]
33.16x7 12x1 34.38-32 1-7 35.49-44 7-11 36.33-28 22x33 37.39x28 23-29 38.42-37 18-23 39.37-31 13-18 40.31-27 18-22 41.27x18 23x12 42.36-31 9-13 43.31-27 15-20 44.48-42 13-18 45.35-30 Een laatste poging om iets van paniek te creeren.
[ Na 45.42-38 20-24 46.44-39 14-20 krijgt zwart indien nodig wat druk tegen schijf 28 via het offer van Dussaut. ]
45...20-24 46.42-37 Wit wikkelt af naar remise.
[ Na 46.30-25 11-16 krijgt wit het centrum niet meer goed onder controle. Op 47.42-37? is de verrassende manoeuvre ( Na 47.43-38 heeft zwart 29-34; Afschermen van veld 34 via 47.45-40 kan beantwoord worden met 18-22 48.27x7 17-22 49.28x17 24-30 50.25x23 19x50 en wit wint zeker niet meer.) 47...29-33 48.28x39 17-22 een probleem. ]
46...24x35 47.28-23 19x28 48.32x34 17-22
[ 48...14-19 49.43-38 ]
49.37-32 22x31 50.26x37 14-19 51.43-38 en remise gegeven. Zwart staat iets beter dank zij de achtergebleven schijf op 45. Maar zijn voordeel is door de passieve schijf op 35 beperkt.
1-1 (1.59/1.59)