(677957) van Berkel,Anton - Jansen,Hans
NLD-chT, 17-09-2016
1.32-28
17-21
2.37-32
21-26
3.41-37
11-17
4.34-29
17-22!?
Dit is meestal een verlegenheidszet, die tegenwoordig opmerkelijk vaak gespeeld wordt op niveau. Op het eerste gezicht lijkt hij hier uitsluitend te worden gespeeld om de tegenstander uit zijn spel te halen. Maar later blijkt het een begin van diepe voorbereiding.
[ Een normale voortzetting is 4...6-11
5.40-34
19-23
6.28x19
14x23
en er ontstaat iets dat lijkt op Luteijn - Ndjofang en Luteijn - Domchev. ]
[ Om de dubbele ruil 29-23 eruit te halen wordt wel 4...17-21
gespeeld. Maar dan ligt de ruil 19-23x23 later minder voor de hand. Men zie 5.40-34
19-23
6.28x19
14x23
7.47-41
en zwart kan geen 10-14 spelen. ]
5.28x17
12x21
6.40-34
18-22
7.45-40
19-24
8.47-41
21-27
9.32x21
16x27
10.50-45
[ Direct 10.33-28
24x33
11.28x17
wordt beantwoord met 27-32!
en schijf 17 dreigt verloren te gaan. ]
10...7-12?!
Zwart heeft geen geschikt tempo om de truc erin te houden en lijkt zeker na deze zet een positionele ramp tegemoet te gaan.
[ Een mogelijkheid is 10...13-18!?
omdat 11.33-28
( Goed is 11.35-30
24x35
12.29-24
20x29
13.34x12
7x18
14.33-28
22x33
15.31x13
9x18
16.39x28
en zwart heeft twee zwakke randschijven.) dan faalt op 11...22x33
12.31x13
9x18
13.39x28
24x22
met schijfwinst. ]
[ Na 10...14-19
11.34-30
( Op 11.33-28
is 24x33
12.28x17
27-32
goed voor zwart.) 11...10-14
vindt de computer de zwarte stand ongeveer gelijkwaardig, vanwege 12.29-23
19x28
13.30x10
5x14
14.37-32
28x37
15.41x21
26x17
]
11.33-28
22x33
12.31x22
24-30?!
Deze gruwelijke ogende zet is kennelijk de pointe van de zwarte voorbereiding.
[ Op bv 12...12-18?
13.39x28
18x27
14.28-23
24x33
15.38x29
is schijf 27 onhoudbaar. ]
13.34x25
33x24
14.38-32!?
Er is een spelbeeld ontstaan, dat we kennen uit de Molimard. Zwart wil in de tegenaanval tegen schijf 22 via de manoeuvre 24-29 en 19-23 met de bedoeling schijf 22 te isoleren. Vooral nu er geen stuk staat op veld 16 is dat geen lichtvaardig te negeren dreiging.
[ De computer adviseert de tempowinst 14.37-31
26x37
15.41x32
6-11
16.42-37!
(16.46-41?
14-19!)
en het gaat om de inleidende manoeuvre 16...13-19
A) gevolgd door 17.46-41
9-13
18.36-31
(18.32-28
24-29)
18...4-9
19.31-26
en zwart heeft weinig geschikte wachtzetten. Na 24-29
heeft wit als niets anders helpt de tempowinst 20.40-34
29x40
21.45x34
Merk op dat schijf 49 in dit hele schema belangrijker is dan 48.
B) of 17.39-33
9-13
18.44-39
(18.33-28
24-29
19.44-39
12-17
20.46-41
19-23
21.28x19
14x23
22.25x14
17x28)
18...24-29
19.33x24
20x29
20.46-41
]
14...13-19
15.43-38
9-13
16.49-43
6-11
17.39-33?!
De dreigende uitval naar 29 gevolgd door iets met 19-23 doet wit besluiten af te haken. Waarschijnlijk een verstandige beslissing. Statisch is zijn stelling goed, maar dynamisch wat minder. Hij zit in een soort tempodwang.
[ Na 17.32-28
4-9
heeft wit geen behoorlijke wachtzetten. Bv 18.37-31
26x37
19.41x32
12-17
kost materiaal door de dreiging 24-29 en 19-23. ]
17...24-29
18.33x24
20x29
19.44-39
15-20!?
Ook dit is een bekende zet in de Molimard. Hier lijkt hij niet nodig of sterk.
[ Na 19...4-9!
A) 20.32-28
19-23
21.28x19
14x23
is schijf 22 geïsoleerd.
B) Ook geen echte oplossing is 20.39-33
12-17
21.33x24
17x28
22.32x23
19x28
C) De tempowinst 20.40-34
29x40
21.45x34
(21.35x44)
kan andermaal beantwoord worden met 21...19-24!
en wit kan opgeven. ]
20.32-28!?
De stand is symmetrisch en wit staat vier tempi naar voren. Echter zwart heeft geen stuk op 16. De gespeelde zet geeft wit verkeerde dynamiek. De eerste, die in dit soort standen op het centrumveld 28/23 gaat staan, trekt aan het kortste eind.
[ Beter lijkt direct de tempowinst 20.40-34
29x40
21.45x34
maar dan heeft zwart de vreemde manoeuvre 19-24
eventueel gevolgd door 10-15 en 24-30. Na 22.32-28
10-15
23.34-30
4-10
24.30x19
14x32
25.37x28
1-6
26.25x14
10x19
staat het ongeveer gelijk. Wit staat drie tempi naar voren. Dat blijft zo als beide spelers 22 en 26 ruilen. Schijf 28 geeft de witte stand een matige dynamiek. ]
20...12-17
[ Op 20...19-23
21.28x19
14x23
22.25x14
10x19
heeft wit 23.39-33
23-28
24.33x24
28x17
met uitwisseling van de voorposten. Schijf 24 hangt een beetje in de lucht. Maar je kunt niet alles hebben. Zolang je er geen extra materiaal naartoe hoeft te spelen, gaat het nog wel. Voor de hand ligt het ontwikkelen van de schijven 46,41 naar 32 en 28. ]
21.39-33!
Deze tussenzet geeft wit de kans zich te bevrijden.
[ Een schijf kost 21.39-34?
19-23
22.28x19
13x24
( Ongeveer gelijkwaardig is 22...14x23
23.25x14
17x28
24.35-30
10x19
25.37-32
28x37
26.42x31
26x37
27.41x32)
23.34x23
17x19
en de compensatie stelt weinig voor. ]
21...10-15
22.33x24
20x29
23.40-34
29x40
24.45x34
4-9
Nu is het zwart die op zijn tellen moet passen. Deze zet is bedoeld als voorbereiding tot 5-10 en 19-23x23.
[ Direct 24...19-24
faalt op 25.34-29
24x33
26.38x29
en de witte voorpost met tien tempi ontwikkeling is volmaakt veilig. Het moge duidelijk zijn, dat daarna de tempi beslissen. ]
25.34-30
[ Met 25.34-29
kan wit in het centrum blijven. Maar zwart heeft dan de stormloop tegen de witte korte vleugel via 19-24
26.29x20
15x24
gevolgd door 5-10-15 en 14-20x20. Mogelijk zullen ook dan de tempi wit redden. Echter het materiaal op de witte lange vleugel staat daarbij nagenoeg buitenspel. ]
[ 25.43-39?
19-24!
]
25...5-10
26.28-23
17x28
27.23x32
19-24
28.30x19
14x23
29.32-28
Wit besluit zijn lange vleugel te ontwikkelen. Schijf 28 geeft echter matige dynamiek aan de witte stand. Maar soms moet je wel. Het zwarte stuk 26 doet niet mee en wit staat een flink eind naar voren. Dus het is speelbaar.
[ Je kunt ook kijken naar 29.38-33
gevolgd door 32-27, 37-31x32 en 43-39-34 om juist het zwarte centrumstuk onder vuur te nemen. Schijf 46 is dan teveel op de lange vleugel. ]
29...23x32
30.37x28
10-14
31.38-33
14-20!?
Geen fraaie zet. Maar waarschijnlijk de enige om de strijd om het cruciale veld 24 te kunnen winnen. In de partij blijkt wit echter eerder en is een mooie klassieke positie resp. omsingeling van het witte centrum te laat.
[ Je kunt ook kijken naar nu of later 31...14-19
Echter via 32.43-39
1-7
33.39-34
7-12
34.34-30
is wit ruim op tijd om de strijd rechts te winnen. ]
[ Na 31...1-7
32.43-39
7-12
33.39-34
is wit vermoedelijk eveneens op tijd om de strijd om veld 24 te winnen. ]
32.25x14
9x20
33.33-29
3-9
34.43-39
9-14
35.42-38
20-25
36.39-34
14-20
37.28-23
20-24
Vrouwen en kinderen eerst. Zwart gaat in een egelstelling om te overleven. 38.29x20
25x14
39.36-31
26x37
40.41x32
11-17
41.32-28
1-7
42.46-41
7-12
43.38-32
17-22
44.28x17
12x21
45.34-29
15-20
46.41-37
21-26
47.48-43
20-25
48.32-28
[ 48.43-39?
26-31
49.37x26
25-30
50.35x24
13-19
51.24x13
8x37
]
48...8-12
49.29-24
25-30
50.24-20
14x25
51.35x24
13-18
52.23-19
25-30
[ Wit speelt op het schijnoffer 52...18-23
53.28-22
23x14
54.24-20
met een fractie beter eindspel. ]
53.24x35
18-23
54.37-32
23x14
55.32-27
14-19
56.35-30
12-18
57.43-39
18-23
58.30-24
1-1 (0.15/0.22)